Zoekresultaten

Zoekresultaten van de Koran

41 zoekresultaten gevonden voor "Kinderen van Israël".

← naar Koran index
Alle voedsel was de Kinderen van Israël toegestaan voordat de Thora neergezonden was, behalve wat Israël zichzelf verbood. Zeg: "Breng de Thora dan, en lees haar voor als jullie waarachtigen zijn."

Daarom hebben Wij de Kinderen van Israël voorgeschreven dat voor wie een ziel doodt — niet (als vergelding) voor een ziel of het verderf zaaien op aarde — het is alsof hij alle mensen doodde en dat voor wie iemand laat leven, het is alsof hij alle mensen deed leven. En waarlijk, en Onze boodschappers kwamen tot hen met duidelijke Tekenen, velen van hen (de Kinderen van Israël) waren daarna overtreders op de aarde.

En Wij brachten de Kinderen van Israël over de zee, waarop Farao en zijn legefs hen volgden uit tirannie en vijandschap, totdat, toen de verdrinking hen bereikte, Fir"aun zei: "Ik geloofdat er geen god is dan Degene waarin de Kinderen van Israël geloven en ik behoor tot hen die zich hebben overgegeven (aan Allah)."

O Kinderen van Israël! Gedenk Mijn gunst die Ik jullie geschonken heb en hou jullie aan het verbond met Mij, dan zal Ik Mij houden aan het verbond met jullie. En vrees daarom alleen Mij.

O Kinderen van Israël, gedenk Mijn gunst die Ik jullie heb geschonken, en dat Ik jullie heb bevoorrecht boven de (andere) volkeren.

En (gedenk) toen Wij het verbond van de Kinderen van Israël aanvaardden (zeggent): "Aanbidt niets dan Allah, en betracht goedheid jegens de ouders, en de verwand, en de wees, en de behoeftige, en spreek het goede tot de mensen en onderhoud de ṣalāh en geef de zakāh." Vervolgens ontrokken jullie je er aan, behalve een klein aantal van jullie, terwijl jullie je afwendden.

O Kinderen van Israël, gedenk Mijn gunst die Ik jullie heb geschonken en dat Ik jullie heb bevoorrecht boven de (andere) volken.

Vraag aan de Kinderen van Israël hoeveel duidelijke bewijzen Wij hun hebben gegeven. En wie de genieting van Allah vervangt nadat deze tot hem is gekomen: voorwaar, Allah is hard in de bestraffing.

Heb jij niet gezien, (hoe het einde was van) de vooraanstaanden van de Kinderen van Israël na (het heengaan van) Mozes? Toen zij tot een profeet van hen zeiden: "Wijs voor ons een koning aan, dan zullen wij strijden op de weg van Allah." Hij zei: "Is het mogelijk dat als jullie de strijd wordt verplicht, jullie niet zullen strijden?" Zij zeiden: "Waarom zouden wij niet op de weg van Allah strijden, terwijl wij uit onze woonplaatsen zijn verdreven en van onze zonen?" En toen dan hun de strijd werd verplicht, wendden zij zich af, met uitzondering van een klein aantal van hen. En Allah kent de onrechtplegers.

En (hij is) als een boodschapper voor de Kinderen van Israël, (die zegt:) "Voorwaar, ik ben tot jullie gekomen met een Teken van jullie Heer, en ik maak voor jullie (iets) uit klei, gelijkende op de vorm van een vogel en ik blaas erin en het zal met verlof van Allah een vogel zijn. En ik genees de blinden en de leprozen en ik doe de doden met het verlof van Allah tot leven komen. En ik vertel jullie wat jullie eten, en wat jullie in jullie huizen bewaren. Voorwaar, daarin is een Teken voor jullie als jullie gelovigen zijn.

En voorzeker, Allah heeft een verbond met de Kinderen van Israël gesloten. En Wij hebben onder hen twaalf stamhoofden aangesteld en Allah zei: "Voorwaar, Ik ben met jullie, indien jullie de ṣalāh verrichten en de zakāh betalen en jullie in Mijn boodschappers geloven en hen helpen en een goede lening aan Allah verstrekken (bijdragen geven op de weg van Allah). Dan zal Ik zeker jullie fouten voor jullie uitwissen en Ik zal jullie zeker Tuinen (het Paradijs) binnenleiden waar de rivieren onderdoor stromen. En wie van jullie hierna ongelovig is: hij dwaalt waarlijk van de rechte weg."

En Wij sloten een verbond met de Kinderen van Israël en Wij zonden hen boodschappers. Iedere keer dat er een boodschapper tot hen kwam, met wat niet met hun eigen wens overeenkwam, loochenden zij sominigen en doodden zij sommigen.

Voorzeker, zij zijn ongelovig die zeggen: "Allah is de Messias, zoon van Maria." Hoewel de Messias zei: "O Kinderen van Israël, aanbidt Allah, mijn Heer en jullie Heer." Voorwaar, hij die deelgenoten aan Allah toekent: Allah heeft hem waarlijk het Paradijs verboden. En zijn bestemming zal de Hel zijn. En voor de onrechtvaardigen zijn er geen helpers.

Vervloekt waren degenen die ongelovig waren van de Kinderen van Israël, door de tong(en) van David en Jezus, de zoon van Maria. Dit was omdat zij ongehoorzaam waren en (de wet) plachten te overtreden.

(Gedenk) toen Allah zei: "O Jezus, zoon van Maria, gedenk Mijn gunst aan jou en aan jouw moeder toen ik jou versterkte met de Heilige Geest (de engel Gabriël) zodat jij met de mensen sprak toen jij in de wieg was en toen jij volwassen was. En toen Ik jou de Schrift en de Wijsheid en de Thora en het Evangelie onderwees. En toen jij uit klei de gelijkenis van een vogel schiep, met Mijn verlof; en jij blies erin en het werd een vogel, met Mijn verlof; en jij genas de blinden en de leprozen, met Mijn verlof. En toen jij de doden deed weerkeren, met Mijn verlof. En toen Ik de Kinderen van Israël van jou afhield toen jij met de duidelijke Bewijzen tot hen kwam." En degenen onder hen die ongelovig waren, zeiden: "Dat is niets dan duidelijke tovenarij."

← naar Koran index
LET OP: Vertaling bevat nog een aantal fouten! S.v.p. controleren en fouten mailen naar: team (apenstaartje) bijbelhoek.nl.

Abonneer op onze nieuwsbrief!