Zoekresultaten

Zoekresultaten van de Koran

33 zoekresultaten gevonden voor "Jezus".

← naar Koran index
En toen de discipelen (van Jezus) zeiden: "O Jezus, zoon van Maria, ben jij in staat om jouw Heer te vragen om tot ons een māʾidah (gedekte tafel) te doen neerdalen uit de hemel?" Hij (Jezus) zei: "Vrees Allah, indien jullie gelovigen zijn."

En (wegens) hun uitspraak "Wij hebben de Messias Jezus, zoon van Maria, gedood." Maar zij doodden hem niet en zij kruisigden hem niet, maar iemand die voor hen op hem leek. En voorwaar, degenen die daar van mening over verschillen, twijfelen daar onderling over. Zij hebben daar geen kennis ever, zij volgen slechts vermoedens, en zij zijn er niet van overtuigd dat zij Jezus gedood hebben.

En toen zei Allah: "O Jezus, zoon van Maria, heb jij tegen de mensen gezegd: "Neem mij en mijn moeder tot twee goden naast Allah?" En hij (Jezus) zei: "Heilig bent U! Nooit zou ik kunnen zeggen waarop ik geen recht heb. Indien ik dat gezegd had, zou U dat zeker geweten hebben. U weet wat er in mijn ziel is, en ik weet niet wat er in Uw Ziel is. Voorwaar, U bent de Kenner van het verborgene.

En Wij hebben Mozes voorzeker het Boek gegeven en Wij deden na hem de boodschappers volgen. En Wij gaven Jezus, de zoon van Maria, de duidelijke bewijzen. En Wij versterkten hem met de Heilige Geest (de engel Gabriël). Is het dan zo dat telkens wanneer er een boodschapper tot jullie kwam met wat niet in overeenstemming was met jullie begeerten, jullie hooghartig werden en jullie een aantal van hen loochenden en anderen doodden?

Zeg (O Mohammed): "Wij geloven in Allah en wat er aan ons is neergezonden en wat er is neergezonden aan Abraham en Ismaël en Isaak en Jacob en de kinderen van Jacob en wat er is gegeven aan Mozes en Jezus en wat er is gegeven van hun Heer aan de profeten, wij maken geen onderscheid tussen één van hen en wij onderwerpen ons aan Hem."

Dat zijn de boodschappers van wie Wij sommigen boven anderen bevoorrecht hebben, onder hen zijn er tot wie Allah gesproken heeft, en onder hen zijn er die Hij (enkele) graden verheven heeft, en Wij hebben aan Jezus, de zoon van Maria, duidelijke Tekenen gegeven en Wij hebben hem met de Heilige Geest (de engel Gabriël) versterkt. Als Allah het gewild had, hadden degenen na hen niet met elkaar gevochten nadat de duidelijke Tekenen tot hen waren gekomen, maar zij twistten: sommigen geloofden en sommigen van hen waren ongelovig. En als Allah het gewild had, hadden zij niet met elkaar gevochten, maar Allah doet wat Hij wil.

(Gedenk) toen de engelen zeiden: "O Maria, voorwaar, Allah kondigt jou met een Woord van Hem een verheugende tijding aan: zijn naam is de Messias, Jezus, zoon van Maria, in deze wereld en in het Hiernamaals is hij een man van eer en hij behoort tot degenen die dicht (bij Allah) staan.

En toen Jezus ongeloof bij hen ontdekte, zei hij: "Wie zijn mijn helpers (op het rechte pad) naar Allah?" Zijn discipelen zeiden: "Wij zijn helpers van Allah, wij geloven in Allah en getuigen dat wij ons overgegeven hebben.

En toen Allah zei: "O Jezus, voorwaar, Ik zal jou (tot Mij) nemen en Ik zal jou (tot Mij) opheffen en jou reinigen van degenen die ongelovig zijn en Ik zal degenen die jou volgen boven degenen die ongelovig zijn stellen, tot de Dag der Opstanding. Daarna zal de terugkeer tot Mij zijn en daarna zal Ik onder jullie rechtspreken over dat waarover jullie plachten te redetwisten.

Voorwaar, de gelijkenis (van de schepping) van Jezus is bij Allah als de gelijkenis (van de schepping) van Adam. Hij schiep hem uit aarde en zei vervolgens tot hem: "Koen fayakōen ('Wees', en hij was)".

Wie dan met jou (Mohammed) over (Jezus) redetwist, nadat de kennis tot jou is gekomen, zeg dan: "Laten wij onze zonen en jullie zonen en onze vrouwen en jullie vrouwen en onszelf en julliezelf bij elkaar roepen en dan (gezamenlijk) Allah's vloek afroepen over hen die liegen."

Zeg: "Wij geloven in Allah en in wat er tot ons neergezonden is en in wat er neergezonden is aan Abraham en Ismaël, Isaak, Jacob en de kinderen van Jacob en in wat er aan Mozes, Jezus en de profeten van hun Heer werd gegeven. Wij maken geen onderscheid tussen wie van hen dan ook en wij hebben ons aan Hem overgegeven."

En er is niemand van de Lieden van de Schrift of hij moet voor zijn dood in hem (de profeet Jezus) geloven en op de Dag der Opstanding zal hij een getuige voor hen zijn.

Voorwaar, Wij hebben aan jou geopenbaard zoals Wij aan Noach en de profeten na hem openbaarden. En Wij openbaarden aan Abraham en Ismaël en Isaak en Jacob en de kinderen (van Jacob) en Jezus en Job en Jonas en Aaron en Salomo. En Wij gaven David de Psalmen.

O Lieden van de Schrift, overdrijf niet in jullie godsdienst en zeg niets over Allah dan de Waarheid. Voorwaar, de Messias Jezus, zoon van Maria, is een boodschapper van Allah en Zijn Woord, dat Hij aan Maria zond en uit een Geest (de engel Gabriël) van Hem voortkomend. Geloof dus in Allah en Zijn boodschappers en zeg niet (dat Allah) "drie" is. Hou (hiermee) op, dat is beter voor jullie. Voorwaar, Allah is de Ene God. Verheven is Hij (boven de bewering dat) Hij een zoon heeft. Hem behoort wat in de hemelen en op de aarde is. En Allah is voldoende als Getuige.

← naar Koran index
LET OP: Vertaling bevat nog een aantal fouten! S.v.p. controleren en fouten mailen naar: team (apenstaartje) bijbelhoek.nl.

Abonneer op onze nieuwsbrief!