De Bijbel, Psalmen 98

← naar Bijbel index
1
Een psalm. Zing voor de HEERE een nieuw lied, want Hij heeft wonderen gedaan; Zijn rechterhand en Zijn heilige arm hebben Hem heil gebracht.
2
De HEERE heeft Zijn heil bekendgemaakt en Zijn gerechtigheid geopenbaard voor de ogen van de heidenvolken.
3
Hij heeft gedacht aan Zijn goedertierenheid en trouw voor het huis van Israël; alle einden der aarde hebben gezien het heil van onze God.
4
Juich voor de HEERE, heel de aarde, breek uit in gejuich, zing vrolijk en zing psalmen.
5
Zing psalmen voor de HEERE met de harp, met de harp en met luid psalmgezang,
6
met trompetten en bazuingeschal, juich voor het aangezicht van de Koning, de HEERE.
7
Laat de zee bulderen met al wat ze bevat, de wereld juichen met wie haar bewoont.
8
Laten de rivieren in de handen klappen, de bergen tezamen vrolijk zingen
9
voor het aangezicht van de HEERE; want Hij komt om de aarde te oordelen. Hij zal de wereld oordelen in gerechtigheid en de volken op billijke wijze oordelen.
← naar Bijbel index