De Bijbel, Psalmen 130

← naar Bijbel index
1
Een pelgrimslied. Uit de diepten roep ik tot U, o HEERE;
2
Heere, hoor naar mijn stem. Laat Uw oren opmerkzaam zijn op mijn luide smeekbeden.
3
Als U, HEERE, op de ongerechtigheden let, Heere, wie zal bestaan?
4
Maar bij U is vergeving, opdat U gevreesd wordt.
5
Ik verwacht de HEERE, mijn ziel verwacht Hem en ik hoop op Zijn woord.
6
Mijn ziel wacht op de Heere, meer dan wachters op de morgen, wachters op de morgen.
7
Laat Israël hopen op de HEERE, want bij de HEERE is goedertierenheid en bij Hem is veel verlossing.
8
Ja, Hij zal Israël verlossen van al zijn ongerechtigheden.
← naar Bijbel index