De Bijbel, Psalmen 20

← naar Bijbel index
1
Een psalm van David, voor de koorleider.
2
Moge de HEERE u verhoren in de dag van benauwdheid, de Naam van de God van Jakob u in een veilige vesting zetten.
3
Moge Hij u hulp zenden uit het heiligdom en u ondersteunen uit Sion.
4
Moge Hij aan al uw graanoffers denken en uw brandoffer tot as verteren. [ Sela]
5
Moge Hij u overeenkomstig de wens van uw hart geven en al uw voornemens in vervulling doen gaan.
6
Wij zullen juichen over uw heil en de vaandels opheffen in de Naam van onze God. Moge de HEERE al uw verlangens vervullen.
7
Nu weet ik dat de HEERE Zijn gezalfde verlost! Hij zal hem verhoren uit Zijn heilige hemel, met machtige daden van heil door Zijn rechterhand.
8
Dezen vertrouwen op strijdwagens en die op paarden, maar wíj zullen de Naam van de HEERE, onze God in herinnering roepen.
9
Zíj kromden zich en vielen, maar wíj zijn opgestaan en staande gebleven.
10
HEERE, verlos; moge die Koning ons verhoren op de dag dat wij roepen.
← naar Bijbel index