De Bijbel, Ezechiël 19

Hoofdstuk: Ezechiël 19

12
Maar hij werd met grimmigheid uitgerukt, tegen de aarde geworpen, en de oostenwind heeft zijn vrucht verdroogd. Weggerukt en verdroogd zijn zijn sterke takken, vuur heeft hem verteerd.
← naar Bijbel index

Abonneer op onze nieuwsbrief!